donderdag 23 april 2020

Deksel op de ankerkluis, vervolg


Waar we waren: happy end deel 1.
Al eerder hadden we voor de schuiven die de ankerkluizen aan de dek-zijde afdekken nieuwe geleidingen gemaakt. Zie http://dregiv.blogspot.com/2018/05/deksel-op-de-ankerkluis.html#more 
De oude schuiven hadden een sleuf die, als de ankerschacht voldoende ver in de kluis getrokken was, om de sluiting van het anker viel. Het anker was dan zeevast geborgd, kon niet vallen als de rem op de lier slipte of per ongeluk gelost werd. De schuif hield het anker dan tegen. Daar was wel wat op af te dingen: het viel nogal tegen de schuif om de sluiting te schuiven. Niet alleen omdat door de tanden des tijds de schuiven niet goed meer wilde schuiven, maar ook omdat het niet zo goed paste. En het lostrekken van de schuif was ook een heel gedoe.
Tijd voor iets anders, nieuwe schuiven met een verbeterd mechaniek.

Nadat we de geleiding vervangen hadden, nu tijd voor de rest. Er zijn nieuwe schuiven gemaakt, van 10mm dikke plaat. Dat is 2mm dikker dan de originele schuiven, die dan ook niet helemaal vlak meer waren.
Dik in het midden, dunner aan de rand.
Door die grotere dikte, moest aan de rand waar de schuif over glijdt, 2mm dikte weggehaald worden.
De bedoeling is dat als het anker "hangt" aan de schuif, de schuif op de bordelrand van de ankerkluis ligt. Is dat gewicht van de schuif af, dan glijdt de schuif over de RVS stompjes van de geleider. Echter, niet alles aan de Dreg is met een voelermaatje gemaakt. Dus blijkt de bakboord ankerkluis er wat scheef in te zitten, daar had aan een kant de schuif eigenlijk 13mm dik moeten zijn.
Aangepaste onderzijde van de schuiven klaar.
De oplossing is opdikken van de schuif door er een strip onder te lassen.
Dan de vorm van de schuif. In de schuiven is een uitsparing geslepen die om de ankerschacht valt.
Eerste poging, sleuf nog wat te klein.

Dan kan de schuif zo ver dicht, dat de punten van de schuif over de kluis heen nog op de rand rusten.
Om het anker zeevast te borgen, lijkt het ons beter om een pen door de shackle van het anker te steken, door de "harp" waarmee het anker aan de ketting zit dus. Dat kan, er past juist een 20mm pen doorheen.
Werk in uitvoering.
Om die pen op z'n plek te houden, worden er op de schuif twee ogen gelast.
Aan het uiteinde van die pen komt aan een kant een arm waarmee je de pen uit de ogen en de shackle kan trekken, en die er liggend voor zorgt dat de pen geborgd is.
Sleuf groter, ogen en pen op hun plek.
Na al het geslijp tijd om dit uitvoerig te testen. Met enig aanpassen lijkt het een werkend systeem te zijn, makkelijker als de oude schuiven.
Beide ankers "hangen" aan de schuiven.

Als de ankers doen waar ze voor zijn, de boot stoppen of op z'n plek houden op een plek zonder afmeermogenlijkheid, dan zou het mooi zijn dat we de ankerketting vast kunnen zetten.
De rem in de ankerlier kan de nestenschijf waar de ketting over loopt vast houden. Maar dat is geen garantie dat de ketting niet ongemerkt verder uitloopt, de rem kan slippen. Beter is het om de ketting zelf te blokkeren.
De damketting in de nestenschijf.

Nu heeft de Dreg damketting, ketting met een dam halverwege de schalm. Daardoor kan er geen stang of staaf door de ketting gestoken worden. Ook is de ruimte tussen de lier, nestenschijf, en de ingang van de ankerkluis klein. Te klein om daar een mechaniek te plaatsen dat de ketting klemt. De enige mogelijkheid is om een vork om de ketting te steken, die op de kluisrand rust. Of op de schuif die over de ankerkluis geschoven is.
De sleuf in de schuif moet niet alleen om de kop van de ankerschacht en de shackle passen, maar ook om de ketting.
Het gat moet weer wat groter.
Maar weer een stukje er uit slijpen, het "gat" in de schuif wordt nu wel groot. Maar gelukkig niet zo groot, dat de schuif niet meer op de rand van de kluis rust.
Om te kijken hoe zo'n vork of kettingstopper er dan wel uit zou moeten zien, is er eerst een mal uit karton en daarna een model uit hout gemaakt.
Houten vork.
Het is enig gedoe en niet geheel ongevaarlijk want je moet met je hand in de lier om hem om de ketting te steken, maar het kan. Het idee is om de vork van achteren om een schalm te steken, waarna hij komt te liggen op de weer door de ogen gestoken pen die eerst de shackle borgde.
Testopstelling met houten vork, werkt.
De ander kant van de vork komt dan tussen twee oren te liggen, waar ook nog een pen door kan, om te voorkomen dat de vork zich naar achteren toe loswerkt.
Nog meer hout, de kettingstopper nu nog even in ijzer namaken.
De oren worden op een 10mm dikke schetsplaat gelast, die op zijn beurt weer op de ankerkluisschuif gelast moet worden. De kracht wordt zo optimaal verdeeld.
In ijzer.
De ketting en de shackle kunnen veilig een kracht van 7 ton weerstaan. De breeksterkte ligt zelfs bij zo'n 9 ton. Dus de vork en de plaat waar hij op rust moeten dat ook kunnen dragen. Door de vork samen te stellen uit twee uit hoogwaardig staal gesneden S-vormige vingers, moet die 7 ton geen probleem zijn.
In theorie levert dat dan dus een werkend mechaniek op.
20mm dikke, met waterstraal gesneden vingers voor de vorken.
Van twee vingers wordt met een tussenstukje van 18mm dik een vork gelast.
Ook in ijzer.
Gepast op een stuk van de oude ketting lijkt het te werken. De scherpe kantjes moeten er nog wel een beetje af, de ketting moet niet beschadigen door de vork.
Zo zou het dus moeten worden: de kettingstopper, vork en oren.
De meeste onderdelen zijn nu klaar in ijzer, tijd voor testen.
En toen, tja, ging het anders als bedacht. Aan de stuurboord kant loopt de ketting te dicht langs de aandrijving van de lier die door het dek loopt.
Wilde de houten vork er nog wel langs, z'n ijzeren broer heeft daar geen zit in.
Ook het van achteren om de ketting steken van de vorken vordert een meerjarige opleiding. Het moet anders!
Enig geƫxperimenteer levert een werkend systeem op met dezelfde onderdelen.
Anders dan gedacht, maar de ankerketting "hangt" aan de vork.
We hoeven dus geen nieuwe onderdelen te bedenken en te maken. Na aftekenen wat waar komt, hechten we de boel in elkaar voor de bepalende test.
Zo dus, lier op de rem na ankeren, vork in de ketting steken en de
rem er af. Klabam, de vork valt op z'n plek en de ketting is geborgd.
Het werkt, zelfs beter dan verwacht. De onderdelen kunnen dus terug naar de lastafel om ze af te lassen en er nog twee handvaten aan te lassen, zodat we de schuiven makkelijk uit de geleiding kunnen trekken.
Hier en daar nog een scherp kantje er af en het ijzerwerk is klaar.

Het makkelijkste klusje: handvaten.
Nu alle onderdelen "klaar" zijn is het tijd voor de generale repetitie. Eerst om nogmaals te testen of het anker goed zeevast geborgd is. En dan om na het laten vallen te zien of we de ankerketting kunnen vastklemmen zonder dat de rem aangedraaid is. En dat zonder handen of vingers kwijt te raken.

Het lukt allemaal, de onderdelen kunnen naar de verzinkerij om ze een lang en in eerste instantie glanzend leven mee te geven.

Verzinkt voor minder werk en langer leven.

Alles kan nu op z'n plek. De aanslagbouten worden in de schuiven getapt, de platen voor de geleiding er weer op gezet en de schuiven zo gemonteerd dat de ankers aan de borgpen kunnen hangen. 
De andere onderdelen die alleen nodig zijn tijdens het ankeren worden opgeborgen in de "Parkeerstand". 

Het anker hangt veilig aan de borging.

Een RVS staalkabeltje moet er voor zorgen dat we geen onderdelen kwijt raken. 
Dat kwijtraken hadden we al geoefend, het kapiteinszakmes had eens via de ankerkluis het ruime sop gekozen. Dat moet met deze onderdelen maar niet, het was werk genoeg om ze te maken!