Wat meteen op valt, is dat op die foto’s de klokken vooral Romeinse cijfers hebben. Proberen de diameter van die klok te schatten, op basis van wat in de buurt van de klok te zien is en waarvan we de maat uit kunnen zoeken, komt meestal uit op een wijzerplaat diameter van ongeveer 8” ofwel 20cm. En dat er veel verschillende klokken te zien zijn. Pratend met een marine man die ook uurwerken gerepareerd heeft blijkt dat de klokken, ook op één schip, van verschillende herkomst konden zijn, en dat het wel voor kwam dat er, ook op nieuwe schepen, klokken hingen die ouder waren dan het schip zelf. Hergebruik dus, nu heel modern, toen wellicht uit noodzaak. Dat maakt het zoeken naar de Dreg-klok niet eenvoudiger.
 |
Scheepsklok aan boord Hr.Ms. Poolster, Smith Astral, 1975. De klok is ouder dan de man, S. Smith & Son veranderde de naam in Smiths in 1931. |
De meeste klokken die we gezien hebben en die ook echt in de jaren ‘50 in een Nederlands marineschip gehangen hebben, zijn van Engelse herkomst. Het meest voorkomende merk is Smith(s), en dan type Astral, soms ook de kleinere Empire. Ook komen de merken Coventry (onderdeel van Smiths) en Topsham uit Exeter voor (maakte ook klokken voor Kelvin Hughes en H. Brown/Sestrel).
 |
Scheepsklok op de Zeefakkel, Smiths Astral, ergens jaren '60. |
Jaren lang foto’s van klokken van het internet vissen levert niet een exacte match op. Vorm van de cijfers, plek van het gat voor de opwind sleutel, scharnier glazen deksel links of rechts, het is telkens net anders. Een “echte” Dreg-klok aan boord krijgen wordt dus lastig, we gaan voor optie twee, een klok die qua tijd en fabrikaat aan boord van de Dreg IV geplaatst had kunnen zijn.
 |
Midlife Modernization van Hr.Ms. Van Galen (F 803) bij de Rijkswerf Willemsoord. De Navigatiebrug met gelabelde apparatuur (verwijderen) en een Elka klok, april 1977. |
Dat geeft de zoeker ook enige vrijheid te kiezen wat hij zelf “passend” vindt. Duitse en Engelse klokken vallen af, we willen een klok van Nederlandse bodem. Observator of Elka. Nu bestaan er eigenlijk geen Nederlandse scheepsklokken. Het zijn op z’n best in Nederland samengestelde klokken, met enige pech klokken die alleen een Nederlandse naam op de wijzerplaat hebben.
Daarbij gooit Elka de hoogste ogen, als slechts in uurwerken gespecialiseerde firma.
En daar komt nog wat bij, de geschiedenis van Elka raakt aan die van de kapitein.
 |
De Elka winkel, Leidsestraat 21, Amsterdam, uit voorlichtings film "Veilig fietsen", ANWB, 1920. |
Elka was gevestigd in Amsterdam, aan de Kalverstraat en aan de Leidsestraat. Op stand dus. In de jonge jaren kwam de kapitein nog wel eens met zijn vader in een horloge winkel in de Leidsestraat. Daar was een jeugdvriend van de kapitein’s vader bedrijfsleider. Verderop was nog een horloge winkel. Het gesprek dat de kleine oortjes meekregen ging wel eens over de concurrentie met de winkel verderop. De concurrent had een concessie voor een Zwitsers horloge merk, beginnend met R, eindigend op X, dat weliswaar klanten trok met hoog aanzien maar ook van veel lager allooi, aldus de vriend. De winkel van de vriend van mijn vader, die een concessie had van een ander Zwitsers horloge merk, beginnend met een I en eindigend met een C, zou een veel bestendigere klantenkring hebben. Wellicht de wat mindere wereldsterren, maar ook minder vieze handen. Meer de liefhebbers van de techniek van het uurwerk, met minder oog voor de status er van. Achteraf kwam de kapitein er achter dat die concurrent Elka geweest moet zijn.
 |
Leidsestraat Amsterdam. Rechts in de straat de klok aan de muur van de winkel van Kiek, Elka, op No.21. Links, aan de overkant, de klok aan de gevel van Laméris, op No 18. Foto ca. 1960, gemeentearchief Amsterdam. |
Het merk Elka vindt zijn oorsprong in Groningen, en wel in de Folkingestraat. Elka staat voor LK, de initialen van Lazarus Kiek. Een voorvader van Kiek was halverwege de 18e eeuw van Hamburg naar Groningen verhuisd, om zich daar te vestigen als horlogemaker. Dat was het begin van een hele dynastie Kiek-horlogemakers.
En niet alleen horlogemakers, ook hoteliers, met eerst een hotel tegenover de horlogewinkel in de Folkingestraat, dat daarna aan het A-kerkhof werd gevestigd.
De in 1854 in de Folkingestraat geboren Lazarus vertrok in 1868 naar Amsterdam om bij een oudere broer als horlogemaker in de leer te gaan. In 1871 verkreeg die oudere broer, Fa. Kiek en De Casseres, van de regering de vergunning de titel “Chronometermakers der Nederlandse Marine” te mogen voeren. Kiek had dus iets met kwaliteit en Marine.
De chronometers waren essentieel om de positie van een schip te bepalen, in een rijk dat toen nog bijna de hele wereld omspande.
In 1885 besloten de twee broers een eigen zaak op te zetten in Amsterdam, Gebr. Kiek.
Al een paar jaar later kreeg Lazarus voor het ontwerp van een elektrische klok op de wereld tentoonstelling van 1889 in Parijs (die van de Eiffeltoren) een gouden medaille. De Kiek’s konden dus wel wat! In 1893 gaan de broers elk hun eigen weg onder eigen naam.
 |
Glasnegatief uit 1919 uit de collectie van de befaamde Studio Merkelbach. Elka oprichterLazarus Kiek (1854-1938) en zijn vrouw Rachel Kiek-van Amerongen (1856-1943). |
In 1913 richt Lazarus samen met zijn zwager in de Kalverstraat Elka Watch Company Amsterdam op. Zijn in 1881 geboren zoon Louis wordt in Zwitserland ook tot horlogemaker opgeleid. Het gaat voorspoedig, Elka werd wereldberoemd in Nederland en zelfs koningin Wilhelmina had een Elka horloge. Er komt een tweede winkel, in de Leidsestraat No 21. Lazarus overlijdt in 1938, zoon Louis volgt hem op.
De Kiek’s hebben een Joodse achtergrond, het uitbreken van de oorlog zorgt voor grote veranderingen. Louis zet in eerste instantie de zaak in de oorlog voort, maar wordt later toch met zijn gezin afgevoerd naar Theresiënstadt. Als een van de weinigen krijgt hij in februari 1945 een vrijgeleide naar Zwitserland en overleeft. Zoon Ernst-Louis, 1918, bevindt zich in begin 1940 op stage in Zwitserland en komt na de oorlog terug naar Amsterdam om de zaak met zijn teruggekeerde vader voort te zetten.
 |
| Elka / Kiek in de Kalverstraat. |
Het is vooral de kleinzoon van Lazarus die de kar trekt, en de naam Elka, Kiek, weer op de kaart zet. Onder andere met leveringen aan de Marine en de Rijkswerf. Hele series schepen op de Rijkswerf gebouwd hadden een Elka Scheepsklok aan boord.
Rond 2000 stopt Ernst-Louis en verkoopt de zaak, het merk Elka verdwijnt. In 2005 overlijdt de laatste “Elka”-Kiek.
Ooit is Lazarus van Groningen naar Amsterdam getrokken. De kapitein van de Dreg IV heeft die weg ongeveer in omgekeerde richting afgelegd.
 |
A- kerkhof, voor de oorlog. Foto uit JaGDaf sept 2018. |
Die kwam eind jaren '70 in eerste instantie in Groningen terecht op het A-kerkhof 8-1.
Naast, toen, een matrassen fabriek in een oud, beetje vermoeid pand.
In datzelfde pand dreef de familie van de moeder van Lazarus vanaf 1881 een hotel,
Hotel Kiek.
Een kleine honderd jaar later dus toch nog een beetje “buren” geweest.
Het hotel kon na 1940 niet worden voortgezet.
 |
A- Kerkhof 8-1, steeg tussen Dreg-kapitein (links) en Hotel Kiek (rechts). |
Op de Rijkswerf zijn in de jaren '50 en '60 loods-afhaalboten en tonnenlegers gebouwd. Allemaal Rijksvaartuigen, vrijwel allemaal met Elka klokken aan boord. Deze schepen zijn al lang geleden van de sterkte afgevoerd. En vele varen niet meer rond. Een paar nog wel, drie tonnenleggers worden door particulieren nog varende gehouden, zakelijk en/of alleen voor het plezier.
Niet ongebruikelijk is het om bij van de sterkte afgevoerd worden, bel en klok van de schepen te halen en te geven aan de naamgever van het schip of een persoon of instantie die zich bijzonder voor het schip ingezet heeft. Zou kunnen dat de oorspronkelijke Dreg IV klok ook zo een andere plek gekregen heeft.
Maar ook aan zo'n tweede bestemming kan eens een eind komen.
 |
| Elka te koop .... |
Zo kwam er een Elka klok te koop die ooit op een tonnenlegger gehangen had, en nu al jaren stil stond op een kastje in een slaapkamer. Kontact met verkoper leverde een heel verhaal op, en begrip voor het verhaal van een klok voor de Dreg IV.
We mochten de klok op komen halen. Niet in Groningen helaas, maar een vriend die in de buurt van de klok met een klus bezig was, was zo aardig deze taak op zich te nemen. Met een omweg van een paar maanden kwam de Elka in Groningen aan.
 |
| .... en in Groningen. |
Op een klein krasje na in perfecte staat. En hij liep!
Nou ja, liep, want na twee keer opwinden en een angstaanjagend geluid stond hij stil. En ging het niet meer doen. Een gebroken veer had intern ernstige schade veroorzaakt, ontzette tanden, afgebroken astapje, krom asje. Zijn we toch jaren op zoek geweest naar een Elka klok in goede staat, voor een normaal bedrag, met een goed lopend uurwerk, spat de uitgekomen droom na drie weken lopen uit elkaar.
 |
| Schade, en meer dan hier te zien. |
Voor zelf repareren ontbreken gereedschap en ervaring, voor laten repareren ontbreken betaalbare vaklui. Het gerucht van het klok-ongeluk maar zo breed mogelijk verspreid, en jawel, er dient zich een oplossing aan! Een Marine oplossing nog wel. De oud Marine man die ons geholpen had de KH MS26 dieptemeter op te sporen, en ook geassisteerd had bij het Collins TCS Z/O avontuur, wist raad. Een collega geleide wapen monteur in ruste, even verder op in de straat, was zijn ervaring, geduld en toewijding gaan gebruiken om oude klokken te repareren. En het leek ze een goed idee de Dreg IV te komen bekijken, en dan de klok mee terug te nemen richting Den Helder. Zo gezegd zo gedaan. De mannen kwamen, keken, aan boord, bij de onderdelen opslag, bij de Kromhout motoren in het werkplaatsje en thuis in het kleine knutsel kamertje en de, noem het maar, Radio Hut. “Veel te zien, nog meer te doen” werd het samengevat.
 |
| Ondanks een Grand Prix in Paris toch gecrasht. |
De Elka ging mee naar Noord Holland. En binnen twee weken kwam het bericht dat de klok weer liep, klus gefixed!
Niet te omschrijven hoe blij we daar mee zijn, en verbaasd over de snelheid waarmee dit gelukt was. Een mooiere afsluiting van 2025 is haast niet denkbaar.
Afgesproken dat de klok opgehaald wordt. En indien mogelijk, het werkplaatsje van de man met de gouden handen bezocht, want zo snel goed werk afleveren maakt nieuwsgierig.
Er was nog meer in Noord Holland te doen, iets met een scheepsbel, een tekening van het Dreg IV antenne plan uit 1950, AFO zekeringhouders en een andere museale Marine scheepsklok.
 |
Marine Museum, er ligt nog een Dreg-tekening en een scheepsklok, een Coventry Astral, die we graag wilden zien. |
De wereld van de kapiteinse is de afgelopen jaren steeds kleiner geworden, de wens werd geuit om weer eens mee te kunnen “Dreggen”. Aan boord is dat te lastig geworden, maar samen op avontuur naar Noord Holland moet kunnen. Er werd een passende slaapplek gevonden, vrijwel midden op Willemsoord. Geen drempels en trappen, wel ruimte en uitzicht. Alles op rol-afstand. En er was tijd, dus we konden iets ondernemen als ons dat uitkwam.
In de buurt van Den Helder zijn we bij twee oud Marine mannen op bezoek geweest. Eerder Goud dan Oud eigenlijk. Met gouden handen en gouden ervaringen, kennis, en geduld. Eén van hen heeft gezorgd voor een weer werkende Elka klok. Tanden gerepareerd, afstapje vervangen, asje gericht, veer gerepareerd. Niet zo maar iets dus, je moet het wel kunnen èn er het goede gereedschap voor hebben.
De kapiteinse waande zich terug in het werk kamertje van haar vader, waar die tussen stoomtreintje, klokken en microscoop repareerde wat in de familie niet meer de juiste tijd aangaf.
Terug op Willemsoord met niet alleen een werkende Elka, maar ook een mooie, opnieuw opgepoetste, herinnering.
We zijn de Gouden mannen heel dankbaar voor hun spontane en zéér vakkundige hulp.
Op Willemsoord zijn we nog een paar dagen gebleven, bij het museum voor en achter de coulissen, omringd door aardige en behulpzame medewerkers. En hebben een boel kennis naar boven kunnen “Dreggen”, klok, bel, zekeringhouders en tekening gezien en waar mogelijk opgemeten.
Weer thuis in Groningen de Elka voorlopig een plek gegeven waar hij goed te zien is. Aan boord kijken we tot de trossen los gaan eerst op de telefoon hoe laat het is.